
COLUMN
Directieplekken
Zes parkeerplekken nabij de hoofdingang. Allemaal leeg. Allemaal gereserveerd voor de directie. Ik parkeerde mijn auto als gast in de parkeergarage drie verdiepingen hoger, tussen de rest van de medewerkers. Mijn eerste reactie: lichte ergernis. Mijn tweede: herkenning. Want eerlijk is eerlijk, dit is cultuur. Niet de cultuur uit het jaarverslag of van de posters met kernwaarden in de gang. Maar de echte cultuur: die van alledaagse keuzes waar zelden iemand nog bij stilstaat.
Als interim HR-professional kom ik vaak binnen in organisaties waar verbinding een ambitie is. Waar mensen ‘meer samen’ willen werken, waar leiderschap ‘toegankelijker’ moet en waar vertrouwen een thema is. En dan begint het soms gewoon… in de parkeergarage.
Statussymbolen zijn namelijk niet per definitie slecht. Integendeel. Status speelt een rol in motivatie. Het laat zien waar groei mogelijk is. Het helpt bij structuur: wie beslist, wie draagt verantwoordelijkheid. Dat is menselijk en werkt in veel gevallen zelfs goed. Maar, en daar zit de nuance, status wordt pas interessant als hij zichtbaar wordt vertaald in privileges. Want zichtbare verschillen doen iets met hoe mensen zich verhouden tot elkaar. Ze vertellen zonder woorden wat hier normaal is.
Wie parkeert dichtbij? Wie mag doorlopen? Wie krijgt de grootste kamer? Wie hoeft zijn agenda niet aan te passen en wie wel? Dat soort signalen zijn subtiel, maar krachtig. Ze beïnvloeden hoe veilig mensen zich voelen om iets te zeggen. Hoe snel iemand initiatief neemt buiten zijn functieomschrijving. En, misschien nog wel belangrijker: of iemand zich onderdeel voelt van hetzelfde geheel.
Wat me in deze garage misschien nog wel het meeste opviel? Er was geen plek voor klanten. Geen enkele. En als HR professional denk ik dan niet meteen in goed of fout, maar in betekenis. Want ook dit zegt iets. Over prioriteiten. Over wie er vanzelfsprekend is, en wie te gast.
De fysieke inrichting van een organisatie is nooit neutraal. Ze vertelt in tien seconden waar je waarde aan hecht of je dat nu bewust hebt gekozen of niet. Dus de vraag die ik mezelf, en mijn opdrachtgevers, regelmatig stel is deze: welke statussymbolen in jouw organisatie zorgen voor beweging… en welke creëren afstand? En misschien nog belangrijker: als iemand vandaag voor het eerst binnenkomt, wat ziet degene dan?
Soms begint verbinding niet met een inspirerende hei-sessie. Maar gewoon met een paar parkeerplekken minder voor de directie. En weet je… onlangs ben ik per fiets naar mijn opdrachtgever gegaan.

Olof Frankfort
Frankfort HRM